Huis Van Meerten
Oude Delft 199, 2611 HD Delft, Zuid-Holland
Bekijk op kaartHuis Van Meerten in Delft is een bijzonder museumhuis waarin de visies van vier bevriende kunstenaars samenkomen en waarin kunst en architectuur vanaf het begin centraal staan. Het huis werd eind 19de eeuw ontworpen als plek voor een kunstcollectie en vervult die rol nog altijd. De continuïteit in functie is opmerkelijk: van museumhuis voor de verzameling van Lambert van Meerten naar museumhuis van Hendrick de Keyser Monumenten.
‘Oud Holland’: een huis als totaalconcept
In het 19de-eeuwse Delft ontstaat een nieuwe sociale elite, gevormd door industriëlen met een grote interesse in kunst. Lambert van Meerten (1842–1906) maakt deel uit van deze groep. Hij verzamelt toegepaste kunst en bouwfragmenten, een collectie die al snel zijn woonhuis ontgroeit.
In 1892 koopt hij een pand aan de Oude Delft, dat hij laat slopen om plaats te maken voor een nieuw huis: ‘Oud Holland’. Het ontwerp is het resultaat van een bijzondere samenwerking tussen Adolf le Comte, Jan Schouten, Leonard Couvée en G. van de Berg, die elkaar kenden van de polytechnische school in Delft. Le Comte verzorgde het artistieke concept, Couvée en Van de Berg werkten het interieur uit en Schouten was verantwoordelijk voor het bouwkundig ontwerp en de uitvoering.
Een huis met twee gezichten
Dat het huis door meerdere ontwerpers is gemaakt, is duidelijk zichtbaar in de eclectische architectuur. De voorgevel verwijst naar de 16de- en 17de-eeuwse bouwkunst, maar zonder de neorenaissance letterlijk te volgen. In plaats van baksteen is gekozen voor natuursteen. Boven de ingang prijkt een fronton met een buste van een krijgsman, mogelijk een verbeelding van Van Meerten zelf. Daaronder staat op een banderol de naam ‘Oud Holland’, een verwijzing naar het idee dat eigentijds ambachtelijk werk inspiratie kan halen uit de kunst van de 16de en 17de eeuw.
De achtergevel, ontworpen door Jan Schouten, heeft een ander karakter en doet denken aan een 19de-eeuwse villa, compleet met toren en veranda.
De hal als verbindend middelpunt
De monumentale hal vormt het schakelstuk tussen voor- en achterhuis. Hier bevindt zich een imposante trap die, samen met de lichtinval en rijke decoratie, de ruimte tot het hart van het huis maakt. Huis Van Meerten telt twee bouwlagen en een zolder en had naast de hoofdtrap ook een aparte diensttrap.
In het interieur zijn op veel plekken historische bouwfragmenten verwerkt. Oude friezen zijn opgenomen in betimmeringen en bedsteden in kastenwanden. Het meest opvallende voorbeeld is het 17de-eeuwse koorhek op de eerste verdieping van de hal, dat hier dienstdoet als galerij.
De hal wordt bekroond door een lichtkoepel met glas-in-loodramen, ontworpen door Le Comte en uitgevoerd door Van Schouten. De ramen verbeelden de twaalf maanden en de dierenriem, in een strakke variant van de jugendstil.
Waarom in de collectie van Hendrick de Keyser Monumenten
Huis Van Meerten is een bijzonder voorbeeld van 19de-eeuwse ideeën over architectuur en ambacht. Het gebruik van historische bouwfragmenten weerspiegelt de waardering voor vakmanschap in een tijd van industrialisatie. Tegelijkertijd zochten ontwerpers naar een nieuwe vormentaal, waarin verleden en heden samenkomen.
De combinatie van de centrale hal en het hergebruik van bouwfragmenten maakt het huis een waardevolle toevoeging aan de collectie van Hendrick de Keyser Monumenten.
Van verzamelaar tot museum
De geschiedenis van het huis is nauw verbonden met Lambert van Meerten. Samen met zijn broer leidde hij de jeneverdistilleerderij van hun vader. In zijn vrije tijd bezocht hij bijeenkomsten van Musis, een besloten kring waar muziek en kunst centraal stonden. Hier ontmoette hij onder anderen Jan Schouten en Adolf le Comte, die hem stimuleerden om toegepaste kunst te verzamelen.
Van Meerten woonde in het huis samen met zijn jongere zus Dina. Toen het familiebedrijf in 1902 failliet ging, werd het huis met inboedel in de openbare verkoop gebracht. Om te voorkomen dat het verloren zou gaan, richtte Adolf le Comte in datzelfde jaar de Vereniging der Vrienden op. Na het overlijden van Van Meerten probeerde hij het pand aan de gemeente Delft te schenken, met als voorwaarde dat het een museum zou worden. In 1907 stemde de gemeente daarmee in en Le Comte werd de eerste directeur.
Het museum had het aanvankelijk moeilijk, maar onder leiding van Ida Peelen, de eerste vrouwelijke directeur van een rijksmuseum in Nederland, kreeg het meer betekenis. Zij wist onder andere de tegelcollectie van Jan Schouten te verwerven, wat het museum internationale bekendheid gaf.
Huis Van Meerten vandaag
Na de Tweede Wereldoorlog werd het museum onderdeel van Museum Prinsenhof Delft. In 2013 sloot het zijn deuren. In 2016 kreeg Hendrick de Keyser Monumenten de kans het pand aan te kopen en terug te brengen naar zijn oorspronkelijke functie: een museumhuis.
Tussen 2016 en 2018 werd het huis door Hendrick de Keyser gerestaureerd, met als uitgangspunt de oorspronkelijke situatie uit de tijd van Lambert van Meerten. Bouwhistorisch onderzoek liet zien dat het interieur meer samenhang vertoonde dan gedacht, met terugkerende motieven zoals fruitguirlandes, vooral zichtbaar in de hal. Ook behangsels in onder meer de kamer van Dina en de salon zijn gereconstrueerd op basis van historisch beeldmateriaal.
Sinds de heropening in 2020 is Huis Van Meerten weer te ervaren als museumhuis. Bezoekers ontdekken het huis zoals Van Meerten het bedoeld had: als een samenhangend geheel van architectuur, interieur en collectie.