Aan het Korte Spaarne in Haarlem bevindt zich een pand met een lange en veelzijdige geschiedenis. Wat begon als een brouwerij in de 16de eeuw, ontwikkelde zich door de eeuwen heen tot een woonhuis met verschillende functies. De sporen van dit rijke verleden zijn nog altijd zichtbaar.
Van brouwerij tot stadspand
In de 16de en 17de eeuw stonden langs het Spaarne talrijke bierbrouwerijen. Ook op de plek van Korte Spaarne 15 was dit het geval: in 1597 wordt hier brouwerij ’t Zeepaert vermeld, eigendom van Jan Aelbertsz Ban. Het perceel strekte zich uit tot aan de achterstraat, de huidige Spaarnwouderstraat, waar zich de bedrijfsgebouwen bevonden. De bierproductie vond plaats op het achterterrein, dat via een gang vanaf het Spaarne bereikbaar was. Via deze doorgang werd water aangevoerd en konden biertonnen worden afgevoerd, een essentieel onderdeel van het brouwersbedrijf.
In de loop van de 17de eeuw nam het brouwersbedrijf in Haarlem af. Op een lijst uit 1628 komt ’t Zeepaert al niet meer voor. In deze periode werd het pand gesplitst en in twee delen verkocht. Doorgangen werden afgesloten en de relatief hoge verkoopprijs van 7000 gulden wijst erop dat het deel aan het Spaarne toen ingrijpend werd verbouwd. De aanwezigheid van een grote wijnkelder doet vermoeden dat een latere eigenaar, Jan Adriaenssen van Vianen, wijnhandelaar was. In deze tijd kreeg het huis de naam De vergulde leggende Bastaert Pijp.
Nieuwe functies en herstel van het wonen
Na verschillende wisselingen van eigenaar werd het pand in 1725 verkocht aan Pieter Hoefnagel de Jonge, die het voorzag van een nieuwe, eigentijdse voorgevel. In de eeuwen daarna kende het gebouw uiteenlopende functies. Het diende onder meer als bedrijfsruimte voor handel in wijnen en steenkolen, later voor snippers en sukade, en uiteindelijk als meubel- en houtwarenfabriek De Spaarnestad. In deze periode werd het oorspronkelijke woongedeelte verwijderd en vervangen door garagedeuren.
Bij de restauratie in 1974 door Hendrick de Keyser werd de woonfunctie aan het Korte Spaarne hersteld. Daarbij bleef in de hal een 18de-eeuws stucplafond behouden. In de achterliggende bebouwing werden acht appartementen gerealiseerd, waarmee het pand opnieuw een woonbestemming kreeg en het historische karakter behouden bleef.