Icon search Icon Facebook Icon Instagram Icon Twitter Icon Play ANBI icon-checkbox Vriendenloterij Bijzondere-locaties Bijzondere-locaties Monument-en-Bed Monument-en-Bed Museumhuizen icon-huren-nav Museumhuizen Hendrickdekeyser Hendrickdekeyser icon-maps icon-left icon-right icon-close icon-phone-call icon-email icon-kamers icon-lijst icon-perceeloppervlak icon-plattegrond icon-woonoppervlak icon-checkmark icon-buitenruimte icon-cart icon-remove icon-quote icon-calendar icon-guests

Slotstraat/Lange Meent 10

4101 BH Culemborg, GE

Bekijk op kaart
Jaar van verwerving
1977
Bouwjaar
1450
Culemborg Slotstraat 10 Lange Mient 1 7

Het huis werd gebouwd in de nabijheid van het kasteel van de heren van Culemborg. Het was, evenals de andere huizen aan deze zijde van de straat, in de 16de en 17de eeuw eigendom van de heren van Culemborg. Het huis op nummer 10 was het belangrijkst. 250 jaar lang werd het bewoond door ambtenaren, verbonden aan het hof. 

De gegevens over het huis gaan terug tot 1473. De eigenaar was toen Zweder van Culemborg, een bastaardzoon van de heer van Culemborg. Tijdens zijn bewoning kwam een muurschildering tot stand. De afbeelding toont Maria en Johannes onder het kruis, met in de hoeken de naam van de opdrachtgever

Omstreeks 1700 kwam het pand in gebruik als Franse school. Tussen 1722 en 1728 werd het huis opgeknapt door Berthram Hisfield, hofraad van de Staten. In 1800 volgde een gedeeltelijke modernisering. De plafonds in de voorkamers beneden zijn ook 19de eeuws. Vanaf de tweede helft van de 19de eeuw was de mosterdfabriek Spoor in het pand gevestigd. Later werd het gebouw in gebruik genomen als drukkerij.

Het is een tweebeukig dwarshuis onder een zadeldak tussen trapgevels. Het heeft een sobere gevel, oorspronkelijk voorzien van een waterlijst. De trapgevel heeft gespleten trappen. Het bekroonde rookkanaal is rijk geprofileerd. In de zij- en achtergevel bevinden zich nog houten kruiskozijnen onder vlakke gemetselde segmentbogen. De overige ramen zijn in de 19de eeuw vergroot. Inwendig bevinden zich balklagen met moer- en kinderbinten.

Voor meer informatie zie Huizen in Nederland, deel IV Utrecht, Noord-Brabant en de oostelijke provincies, pp. 346-354.